Daar waar vroeger stoomlocomotieven snoven, fietst ment nu door het unieke vulkaanlandschap van de Eifel tot in het Moezeldal.

Over viaducten en ontelbare bruggen, door koele tunnels en diepe Eifelbossen, langs diepblauwe maren en gedoofde vulkanen voert de tocht door een indrukwekkend wijnbouwlandschap. En dat alles zonder al te grote inspanningen, want het vroegere spoortracé kent nauwelijks hellingen. Daarom is het Maaren-Moezel-fietspad in beide richtingen bijzonder geschikt voor vrijetijdfietsers en gezinnen met kinderen. Mochten de benen toch eens voortijdig moe worden, brengt één van de fietsbussen de wielrijders van Bernkastel-Kues of van Wittlich HBF (stadswijk Wengerohr) naar Daun terug.

Het is raadzaam om de terugreis online onder www.regioradler.de te boeken. Wie nog meer over land en mensen te weten wil komen, gunt zich een uitstapje naar één van de acht fietsbeleveniscircuits. Ook vrienden van de regionale keuken komen aan hun trekken: Talrijke horecabedrijven langs het traject zijn lid van het routenteam Maaren-Moezelfietspad, een belangengemeenschap van fietsvriendelijke logies- en gastronomiebedrijven.

Etappe 1: Onderweg in het sprookjesland Vulkaaneifel ...
Startpunt van het [Maaren-Moezel-fietspad]] is het voormalige station in Daun. Na een paar meter fietsen komt een 28 meter hoog viaduct - een ideaal punt om van het uitzicht over de stad Daun te genieten, die met zijn gezond klimaat ook een kuuroord is. Na een kleine klim rijdt men verder door het „Große Schlitzohr“, een 560 meter lange vroegere spoorwegtunnel. Vandaar verloopt het fietspad via het Schalkenmehrener Maar naar het natuurreservaat Sangweiher en verder naar Gillenfeld. Raadzaam is ook een ommetje over het beleveniscircuit naar de klokkengieterij in Brockscheid. Bij een rondleiding komt men allerlei wetenswaardigheden over dit middeleeuwse ambacht te weten.
De moeite waard is ook het circuit naar het vulkaanhuis Strohn. Een geweldige lavaspleetwand, begaanbare belevenisruimten en grote foto's van actieve vulkanen bieden verbazingwekkende inzichten in de vulkanische fenomenen in de omgeving. Niet ver daar vandaan achter het plaatsje Strohn rust de „lavakogel“, een bijna kogelrond basaltblok met een gewicht van zo'n 120 ton. Over Eckfeld fietst men over een korte weg naar Pantenburg. Daar buigt men van het fietspad af en rolt de laatste meters naar beneden tot Niedermanderscheid. Majestueus verheffen zich de ruines van de Nieder- en Oberburg boven het romantische dal van de Lieser. Het jaarlijkse historische burchtfeest in Manderscheid op het laatste weekend van augustus is een kleurrijk en vrolijk spektakel. Tenslotte, aan het einde van de toertocht, is het nog de moeite waard om een bezoek te brengen aan het kuuroord Manderscheid. Hier is een bezoek aan het Maarmuseum aan te bevelen.

Etappe 2: Door tunnels en over bruggen tot aan de Moezel...
Van Manderscheid gaat het eerst bergaf tot de voet van de Niederburg. Vanaf hier klimt de route ca. 3 km omhoog naar Pantenburg. Dit gedeelte is alleen voor getrainde fietsers aan te bevelen aangezien de klim nogal inspannend is. Van Pantenburg tot het eindpunt op het station Bernkastel-Kues kan men de fiets „laten lopen“. Op deze etappe gaat het voornamelijk bergaf tot in het door wijnbergen gevormde Moezeldal. Een paar kilometer verder is het de moeite waard om een bezoek te brengen aan het poppen- en speelgoedmuseum Laufeld. Omgeven door loofen naaldboombossen verloopt de fietspad op het voormalige spoortracé verder tot Plein. Hier boort hij zich meteen achter het station in een tunnel door het vulkanisch gesteente en komt aan de andere kant weer te voorschijn. Even later staat men al voor de poorten van de Säubrennerstad Wittlich.

Na het doorkruisen van de stad doemt tenslotte de wijdte van het dal van Wittlich met de eerste wijnbergen op. Nu is het niet ver meer naar Bernkastel-Kues. Hier vandaan bestaat de mogelijkheid om over het Moezel-fietspad stroomopwaarts naar Trier of stroomafwaarts naar de Rijn te fietsen, of men neemt de fietsbus en rijdt daarmee comfortabel terug naar Daun.